Orakel en fenomeen Fran Lebowitz: ‘Ik zie dat als mijn taak: woedend zijn voor de hele samenleving’

4

0 user and 4 guests have thanked.

Fran

 

Fran Lebowitz (71) is commentator, schrijver en publieke spreker. Een fenomeen is ze, nog beroemder geworden sinds ze in Neflixserie Pretend it’s a city van goede vriend Martin Scorsese rondloopt en op alles en iedereen geestig commentaar heeft.

Meer dan twintig jaar heeft Fran Lebowitz nu een writer’s block. Dat kun je bijna geen block meer noemen – ze noemt het zelf ook een blokkade, een totale stremming, een apocalyptisch stilvallen. Maar stil is deze populaire, eigengereide New Yorkse commentator allerminst. Ze schrijft weliswaar niet, maar is aanweziger dan ooit. Dat is vooral dankzij de miniserie Pretend it's a city, die haar goede vriend en wereldberoemd regisseur Martin Scorsese over haar maakte en die begin 2021 op Netflix verscheen. Ze kreeg er een Emmy-nominatie voor.

Lebowitz, in 1950 in New Jersey geboren in een Joods-Amerikaanse familie, had allerlei baantjes, waaronder taxichauffeur. Tot Andy Warhol haar vroeg columnist te worden in zijn beroemde blad Interview, dat in 1969 werd opgericht en nog altijd bestaat, hetzij sinds 2018 alleen online. Haar eerste boek Metropolitan Life, een bundel essays, was een bestseller. Haar tweede boek Social Studies ook, maar daarna werd het, op papier, stil.

Ze trad nog eindeloos vaak op in talkshows, want als iemand kan vertellen, is zij het wel. Het maakt niet uit welk onderwerp je aanroert, Lebowitz heeft altijd een scherpe, geestige mening klaar en verbindt heden aan verleden, kunst aan politiek en economie aan boerenverstand.

Typisch New Yorks
Ook heeft ze ontdekt dat ze het uitstekend doet als geïnterviewde commentator. Daarom geeft ze sinds een tijd overal ter wereld live interviews. Ze gaat zitten, wordt het hemd van het lijf gevraagd en gaat weer. Zo deed ze dit voorjaar een ronde Europa, en komt ze komende week weer deze kant op, om op zaterdag 25 juni in Carré op te treden.

Over de reden van haar tours is ze nuchter. “Ik moet geld verdienen.” Slapen doet ze tijdens die tournees nauwelijks, ze heeft eigenlijk een hekel aan reizen en tijd om een stad of land te bezoeken is er niet. “Het is werk, ik krijg niet betaald om nog even de Eiffeltoren te beklimmen.”

Waarom het zo leuk is om Lebowitz te horen, merk je zodra ze begint te praten. Ze heeft een eigenzinnige blik op de wereld, brutaal, misschien wel typisch New Yorks. Ze heeft een hekel aan alles wat modern hedonisme behelst, vooral wat digitale middelen aangaat. En ze houdt meer van haar stad dan wie dan ook. Al ziet ze die in rap tempo onherkenbaar veranderen. Door yuppen met geld, door massa’s toeristen.

Stamelen op het antwoordapparaat
Wie Lebowitz wil interviewen, krijgt per mail een handleiding. Van haar agent, zelf mailt ze niet. Een mobiele telefoon? Doet ze niet aan, een laptop evenmin, wifi is afwezig. Bellen moet via haar vaste lijn, waarbij je eerst haar antwoordapparaat krijgt waarop je moet inspreken. Zodra ze je hoort stamelen op haar antwoordapparaat, weet ze dat ze moet opnemen.

Als ze vervolgens gaat praten, hoor je haar klassieke New Yorkse tongval – denk Jerry Seinfeld of Jay Leno. Maar dan gevat in het lijf van een vrouw van zeventig, die er altijd onberispelijk uitziet in zwart pak en gesteven wit overhemd. Niet voor niets werd ze in 2008 uitgeroepen tot stijlicoon in Vanity Fair’s International Best Dressed List Hall of Fame. Is New York al weer een beetje de oude?

“Nee, zeker niet. Ik kom net terug uit Europa en bij jullie is alles veel en veel normaler. Kantoren hier staan nog voor een groot deel van de tijd leeg. Het is nog altijd rustiger op straat in de wijken waar wordt gewerkt, toch het hart van de stad, maar in buurten waar mensen uitgaan, daar zitten restaurants vol tot het plafond. En tegelijkertijd, ‘de oude’ wordt New York nooit. Deze stad is nooit twee weken hetzelfde geweest. Ik woon al er vijftig jaar, maar het verandert elke dag.” Hoe blijft u op de hoogte als u geen internet heeft?

“Je hoeft nieuws niet te volgen, het nieuws volgt jou. Zelfs als je een nieuwsmijder bent weet je wat er speelt, zolang je maar met mensen praat. En ik práát met mensen. Ik lees, ik luister radio. Maar ik maak vooral veel praatjes. In de metro, op straat, in winkels. Iedereen zit op zijn telefoon te kijken, voor jonge mensen is hun telefoon hun thuis. Maar zij doen alsof zij de wereld meemaken, terwijl ik rondkijk.”

“Daarom ben ik ook altijd de woedendste persoon op een vliegveld. Anderen zijn met hun smartphone bezig en ik ben de enige die moet wachten en daar word ik driest van. Maar ik zie dat ook als mijn taak: woedend zijn voor de hele samenleving.” U was altijd al bekend, vooral in de VS, maar sinds Pretend it’s a city bent u wereldberoemd.

“Het is krankzinnig. Ik was denk ik de enige ter wereld die Netflix niet kende, want ik heb geen wifiverbinding, of hoe noem je zoiets. Maar Netflix is blijkbaar te zien in meer dan 190 landen. Ik zou niet eens 190 landen kunnen opnoemen!”

“De serie kwam uit op het hoogtepunt van de lockdown in 2021, dus ik sprak niet zo veel mensen. Ik besefte pas hoe groot het was toen ik mijn eerste telefoontje kreeg. Uit Dubai, van een bevriende journalist. Het tweede telefoontje kwam uit Saigon, Vietnam. Toen begreep ik: dit is echt groot.”

“Sinds de serie valt me vooral op dat mensen de hele tijd selfies met me willen nemen. Wat is daar het nut van? Ik stond laatst zelfs buiten te wachten bij een restaurant, komt een fietskoerier langs die tegen me roept; ‘Hé Netflix!’ Ik vind het niet erg. Ze komen meestal naar me toe om te zeggen dat ze me leuk vinden.”

“Ik ben over het algemeen niet America’s sweetheart, ik krijg vaker kritiek dan complimenten, en ik ben ook heus ijdel, dus ik geniet van die complimenten.” Inmiddels heeft u meerdere rollen in documentaires, films, heeft u honderden keren opgetreden en twee boeken gepubliceerd. Bent u nog bezig met uw nalatenschap?

“Nalatenschap? Daar ben ik echt totaal niet mee bezig. Dat is zoiets als iemand vragen wat hij wil eten op de dag na zijn dood. Ik geloof meer in leven zolang je leeft. Kinderen heb ik niet, dus daar ben ik ook niet mee bezig. Ik heb gefaald als ik nog een cent over heb aan het einde van mijn leven.” U wordt vaak als orakel geraadpleegd tijdens uw optredens. Wat zou u jonge mensen nu meegeven?

“Have fun. Ik kreeg laatst de vraag van een 23-jarig meisje tijdens een interview over wat ik haar zou adviseren over haar pensioen. Haar pensioen?! Als je geen plezier hebt in je twintiger jaren, ga je dat nooit meer hebben.”

“Ik begrijp ook dat jongeren zich nu financieel onzeker voelen, maar je kunt ook overleven met weinig geld, dat heb ik altijd gedaan. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit heb gegeten toen ik twintig was. Als eten je grote passie is op je twintigste, dan ben je niet promiscue genoeg. Dineren is iets voor mensen van middelbare leeftijd.”

“En ik zou willen zeggen: de wereld is in een slechte staat, en dat is de schuld van mijn generatie. Maar ik zie wel dat deze jonge generatie zo erg met hun telefoon bezig is, dat ze vergeten mee te doen met het systeem. Doe mee aan de politiek: stel je verkiesbaar. Politici, zeker in Amerika, zijn oud. Doe mee, denk mee, zo verander je de wereld.”

Fran Lebowitz, zaterdag 25 juni om 20.00 uur in Theater Carré. Lebowitz wordt een half uur geïnterviewd, waarna het publiek vragen mag stellen. Een selectie van haar essays is vorig jaar in het Nederlands vertaald en uitgegeven onder de titel Volgens Fran (Uitgeverij Podium).


HET PAROOL




Tags: Fran Lebowitz

Comments powered by CComment

Articles - FJ Related Plus